Wikia


VuurnatieLegerSozin

Om ze te redden, of te wreken

Slecht nieuws, een aanslag en een val
Hoofdstuk informatie
Serie

De Taku Kronieken

Schrijver

NewRGI

Boek

Het Einde van een Tijdperk

Chronologie
Volgend hoofdstuk

Herzien

Slecht nieuws, een aanslag en een val is het eerste hoofdstuk uit de serie De Taku Kronieken van NewRGI.

Taku 0 NSK Edit

“Heer Hang, Han Tui is gevallen.” Zei de boodschapper die net binnen was komen lopen. De man was uitgeput. Hang vloekte in zichzelf. Die vervloekte, verdomde rot Vuurnatie. “Hoe kan dat? Volgens het laatste rapport waren jullie zwaar in de meerderheid? Hoe hebben ze jullie kunnen overmeesteren?” Vroeg hij de man. “Ze hebben alles tot de grond afgebrand. Door de droogte kon het vuur zich gemakkelijk verspreiden. In luttele minuten was er niks meer van de stad over dan wat as en stenen. Ik was een van de enige die het heeft overleefd. Ik was op een verkenningsmissie met wat anderen, toen we zagen dat de stad in de fik stond. We wouden helpen, maar toen de eerste mannen opstonden, werden ze gedood. Een groep Vuurnatie soldaten zat dicht bij de rost waarachter we ons hadden verstopt toen we zagen wat er aan de hand was. We konden nog wel wegvluchten, maar de anderen waren dood. Onderweg hierheen zijn we ook aangevallen door Vuurnatie soldaten.” Zei de soldaat. Het leek erop dat hij op het punt van instorten stond, wat best wel logisch was, als je hoorde wat hij net vertelde. “Geef deze man snel een kamer. Laat de hoge raad bij elkaar komen. Breng ons leger in de hoogste staat van paraatheid.” Snel deelde Hang bevelen uit. Toen hij de kamer uit wou lopen, bedacht hij iets. “Laat de Aardkoning weten van de val van Han Tui. Vraag of hij zo snel mogelijk soldaten kan sturen.” Om ons te redden, of te wreken, dacht hij somber. Het kleine legertje dat bij Han Tui was geweest zouden ze wel met gemak aankunnen, maar als de Vuurheer zou besluiten meer mensen te sturen, zouden ze een groot probleem hebben. Als ze in de meerderheid waren zouden ze het wel een tijdje kunnen volhouden, waren de aantallen ongeveer gelijk ook, maar als de overmacht te groot werden zouden ze gegarandeerd het onderspit delven. Hang was koning geworden van een havenstad, een handelsstad. Niet van een burchtstad, die zich zelf gemakkelijk zou kunnen beschermen. Hij kon alleen maar hopen dat ze het lang genoeg zouden volhouden tot de Aardkoning ze te hulp zou schieten. Hij was vaak in de stad geweest, dus hoopte Hang dat hij Taku wel zou redden. Hij was Han Tui niet te hulp gekomen, maar dat kwam waarschijnlijk omdat ze de stad niet op tijd hadden kunnen bereiken. Sommige beweerde dat de koning de stad gewoon had laten vallen, maar dat kon de Koning van de heuvel niet geloven. De koning zou zijn onderdanen altijd helpen, zoals het een goed koning beaamt. En de 51ste Aardkoning was een goede koning. Hij had welvaart gebracht in het rijk, en vele bandieten verjaagd.

Hij liep de vergaderzaal in. “Heer, wat is er aan de hand? Is er nieuws gekomen uit Han Tui?” Vroeg iemand hem. Ze wisten het dus nog niet. “Ja, maar het is slecht nieuws. Onze zusterstad is gevallen.” De zaal viel stil. Veel van de mannen die hier zaten kenden wel iemand uit de stad. De stilte werd doorbroken door de raadgever van oorlog. “Dan kunnen we erop rekenen dat wij de volgende stad zijn die ten prooi zal vallen aan de hebzucht van de Vuurnatie. We moeten onze soldaten snel klaarmaken.” “Dat zijn ze al. Elke soldaat kijkt uit naar de Vuurnatie.” “Goed.” Ging de raadgever verder. “Maar we moeten er ook verkenners op uit sturen die in de gaten houden waar de Vuurnatie momenteel is. We moeten het weten als ze eraan komen, en met hoeveel ze zijn. Dat soort informatie is belangrijk voor het hele rijk, we weten niet hoe groot hun overmacht is, en we kunnen ze maar beter niet onderschatten.” “Haal onze beste verkenners erbij.” Zei Hang tegen een bediende. “Hoe ver is het eigenlijk van Han Tui naar hier?” Vroeg de raadgever van oorlog. “Zo’n 50 kilometer.” Antwoordde de raadgever die zich bezighield met het hele koningsrijk. “Dan zitten ze te dichtbij. Als je stevig doorloopt, ben je in een dag van daar hier.” Zei de oorlogsraadgever. “Maar een leger beweegt niet al te snel. En Garsai staat gelukkig ook nog steeds, dus we hebben hopelijk nog minstens zo’n twee dagen. In die tijd kunnen we onze verdediging nog steeds verbeteren. En misschien komt de Aardkoning ons wel te hulp, of zelfs de Avatar!” Zei Hang. “Ja, maar die kans is vrij onwaarschijnlijk. Garsai heeft geen geweldige verdediging, en als ze allemaal op een Komodo Varaan rijden, kunnen ze hier nog sneller komen. Of ze nemen zo’n stoomschip die ze hebben uitgevonden voor deze oorlog. We zijn nog wel een havenstad, en gemakkelijk bereikbaar met een schip.” De oorlogsraadgever was vrij pessimistisch. Natuurlijk, de kans was groot dat ze zouden worden verpletterd door een gigantisch leger, waarna de stad zou worden platgebrand door boze Vuurstuurders, maar ze hadden niks aan pessimisme. Er kwam een boodschapper binnen. Hij was bezweet, en zag er uit alsof hij ergens erg van was geschrokken. “Heer, u moet deze boodschap snel lezen. Hij is gestuurd naar elke stad in het Aarderijk. Het is erg belangrijk, heer.” Hang opende de brief. Hij vloekte hardop. Die, die, die! Hij kon met geen woord beschrijven wat hij op dat moment voor die helse Vuurblazers voelde. Hij wou ze het liefst allemaal persoonlijk vermoorden. Een hele natie uitroeien. Hoe konden ze, hoe bedachten ze zoiets, hoe, hoe, hoe. Hij zou die verdomde pyromanen allemaal doden! Waarom volgden die asmakers dan ook dat soort bevelen op! Wisten ze niet dat dit de hele wereld uit balans zou halen?! Hij was woedend, nee, furieus! Hij had op dat moment zelf wel kunnen vuurspuwen! “Wat is er?” Vroeg een van de raadgevers bezorgd. Hang probeerde weer kalm te worden. Er was niets dat hij er nog aan kon doen. Bei was dood, en al haar vrienden ook. Hij ademde diep in. Lucht stroomde zijn longen in. Lucht. Het element dat nooit meer zou worden gestuurd.

De vergadering ging verder. De sfeer, die al niet zo vrolijk was, was na het nieuws dat de luchtstuurders waren uitgeroeid nog bedrukter geworden. Er waren plannen gemaakt om de stad te verdedigen. Ze moesten met vele scenario’s rekening houden. De vuurstuurders hadden al bewezen dat ze sterke vechters waren, met goede tactieken. Ze hadden alle luchtstuurders kunnen vermoorden, wat op zich niet zo’n prestatie was omdat die over het algemeen erg vredelievend waren, en ze hadden de stad Han Tui in kunnen nemen. Er liep weer een man binnen. Niet weer slecht nieuws, dacht Hang. De man had een klein, stenen kistje bij zich. “Uwe Aardheid.” Begon de man. Dat was de aanspraakvorm voor de Aardkoning in Basing Se, en dat was Hang niet, maar Hang onderbrak de man niet. “Ik heb deze kist gekregen van een paar soldaten van het Aarderijk bij de stad Garsai. Ze zeiden dat ik dit kistje naar u moest brengen.” Dus er waren nog mensen uit het Aarderijk bij Garsai. Dat was goed nieuws. Hij nam het kistje aan. Het was niet zo klein als hij eerst had gedacht. Er paste waarschijnlijk wel een Steenbal bal in. Het was gegrafeerd, en glom een beetje. Het slot leek wel van goud gemaakt. Hang was nieuwsgierig naar wat er in zat. “Zit er ook een sleutel bij?” Vroeg Hang de boodschapper. “Oh ja, hier, alstublieft, uwe aardesteit.” Weer een aanspreekvorm voor de Aardkoning. Apart. Hang kreeg de sleutel aangereikt. Hij stopte de gouden sleutel in het even gouden slot. Toen hij de kist opende, verspreidde er zich een aparte geur door de kamer. Het rook alsof er iets aan het rotten was, maar gelijke tijd rook het ook erg zoet. Toen Hang in de kist keek, sprong hij van schrik meteen naar achter. Hij hijgde zwaar. De raadsleden keken hem geschrokken aan. In de kist zat het hoofd van de burgermeester van Garsai, bedekt met brandwonden.

“Hoe kom je hieraan!” Hang duwde de boodschapper hardhandig tegen de muur. Intussen rook de lucht steeds zoeter. Lachend zei de boodschapper: “De complimenten van de Vuurheer.” Met een handige beweging ontkwam hij uit de greep van Hang. Met twee goed gerichte vuurschoten zette hij de deuren in de fik, en sprong uit het raam. Ze waren op de vijfde verdieping, dus was de kans klein dat hij het had overleefd. Opeens viel er een man neer. Zijn ademhaling was gevaarlijk sloom. “Het is gifgas!” Schreeuwde iemand. Dus daarom had de man de deuren in de fik gestoken. Snel stuurde Hang met een paar anderen een steen naar het raam. Ze konden er met gemak vanaf glijden. Hang pakte de gevallen man met twee anderen, en ze renden naar beneden. Daar gekomen zag hij dat het lijk van de Vuurstuurder er niet meer lag. Toen hij snel om zich heen keek zag hij dat de man het had overleefd, en was gevlucht. Hij had een bloedspoor achter zich gelaten. Er waren al twee Aardstuurders achter hem aangegaan. Snel zette Hang ook de achtervolging in. Hij schoot zichzelf snel af richting de Vuurstuurder. Hij maakte een speer van een rots en schoot die op de man af. De man zag het helaas op tijd, en stuurde hem weg. Hang stuurde snel meerde stenen op hem af, en toen was het over. Een van de speren doorboorde het been van de man, en hij stortte bloedend in. “Neem hem mee naar de gevangenis! Zorg ervoor dat hij wordt verhoord!” Riep Hang naar de soldaten. Ze knikte snel, en stuurde een stuk rots naar boven, waarmee ze de Vuurstuurder vervoerden. Snel liep Hang weer terug naar de vergaderplek. Het vuur was al geblust. Op de grond lagen meerdere mensen, die blijkbaar ook allemaal waren ingestort door het gifgas. Anderen werden al afgevoerd, naar de hospitalen. “Doden?” Vroeg Hang een van de soldaten. “Nee heer, er zijn meerde mannen in een zeer slechte conditie, maar iedereen heeft het overleefd.” Antwoordde de man. “Mooi.”

“Vader!” Zijn zoon Yi kwam aangerend. “Gaat alles goed? We hoorden van de aanslag, en ik ben meteen hierheen gekomen!” Zijn zoon was op een korte spionage missie geweest. Hang had hem erop uitgestuurd om meer over de positie van de Vuurnatie te weten te komen. Zijn zoon was een getalenteerd spion. Hij kon gebruik maken van de aarde om overal ongehoord te blijven, en hij was nog nooit gevangengenomen. “Ja, er zijn geen doden gevallen.” Begon Hang. “Nog wat te weten gekomen over de Vuurnatie? Waar zitten ze? Hoe groot is hun leger waarmee ze ons willen aanvallen? Nog contacten gemaakt?” “Ja, toen ik ze verliet waren ze nog bij Garsai, ongeveer 20.000 man en ik heb vijf mensen kunnen overhalen me nieuws te sturen als er iets belangrijks is aan de hand is in hun kamp. Ik heb ze kunnen wijsmaken dat ik onderdeel was van een groep geheime spionnen die zouden gaan spioneren in Taku, en alleen voor Vuurheer Sozin werkten in plaats van voor zijn zoon Azulon.” Antwoordde Yi al Hang´s vragen. Het laatste zei hij met een kleine glimlach om zijn mond. “Twintigduizend man zei je? Verdomme!” Hij zag de Raadgever des Oorlog, en wenkte hem. “Zhang Heng, kom! Yi heeft belangrijke informatie verzameld over de Vuurnatie.” Zhang Heng kwam aangelopen. Yi vertelde hem snel wat hij te weten was te komen. “Ze hebben twintigduizend man, maar hebben niet allemaal een Komodo Varaan. Er zijn wel verkenners op ons afgestuurd die rijden op Komodo Varanen, dus die zullen vrij snel aankomen. Misschien kunnen we die een gezellig welkom geven. Dat is goed voor het moraal van de troepen. En er komt waarschijnlijk ook een vloot op ons af. Je zou het als compliment kunnen zien, dat ze zo hun best doen om er voor te zorgen dat ze ons kunnen innemen. Een groot leger, verkenners, een moordenaar, een grootse vloot. Oh ja, en meer slecht nieuws, dat was ik vergeten te vertellen. Er komen waarschijnlijk ook nog 5.000 soldaten bij, uit het Vuurnatie.” Hang vond Yi’s luchtige toon frustrerend, maar het was nu geen tijd voor ruzies. “Als ze een vloot op ons af sturen, moeten we de haven afsluiten, en alle handelsschepen moeten worden geëvacueerd, of de stad in worden gebracht. De oorlogsschepen moeten snel gereed worden gemaakt.” Hang gaf een soldaat de opdracht het bericht aan de admiraal te brengen. “We moeten nu die verkenners eerst maar even verrassen. Hoe laat denk je dat ze er ongeveer zullen zijn?” Yi keek snel naar de zon, om een idee te krijgen van de tijd. “Over ongeveer een kwartier zullen ze er wel zijn. Ik heb ze afgeluisterd, en weet waar ze ongeveer hier zullen komen.” Hij wees met behulp van een kaart de plek aan waar de verkenners hun kamp wouden gaan opzetten. Opeens schoot Yi iets te binnen. “Een van de verkenners is een Aardstuurder, die is overgelopen naar de Vuurnatie. Hij is een lafaard, en besloot zijn volk te verraden. Ik twijfelde of ik hem niet gewoon zou vermoorden, maar dat zou te veel vragen oproepen. Ik kon me het risico om betrapt te worden niet veroorloven. Maar, om on-topic te blijven, deze man kent het gebied goed en weet waar hij de stad moet vinden. We moeten hem in ieder geval uitschakelen. Maar nu genoeg gepraat. Tijd voor wat actie!”

Nadat Hang en Yi snel een groep soldaten bij elkaar hadden geroepen, waren ze naar de stallen gelopen. Ze zadelden allen hun struisvogel paard. Hang liep naar Tuo, zijn favoriete struisvogel paard. Tuo was niet de grootste of de sterkste van de struisvogel paarden, maar wel de snelste. Het was ondertussen al bijna donker. Dat zou het perfecte moment zijn om de verkenners te verslaan. Hang zag dat de anderen ook al klaar waren, en ze gingen op weg. Ze reden een kwartiertje door de bossen, tot ze te dicht bij de Vuurstuurders waren. Als ze verder zouden gaan op de struisvogel paarden, zouden die ze verraden. Struisvogel paarden waren geweldig voor het reizen op zich, maar ze waren niet gemaakt om te sluipen. Dus bonden ze de struisvogel paarden vast aan de bomen, en liepen verder. Na een tijdje zagen ze rook in de lucht. Die verkenners waren wel erg onvoorzichtig. Toen ze bij het kamp aankwamen, schuilden ze in de bosjes. Hang keek snel om zich heen. Er waren zes grote tenten, een gemiddelde tent, en een kleinere. In de grote pasten drie man, en in de kleine en de normale een. In de gemiddelde tent sliep waarschijnlijk de leider van het groepje, en in de kleine tent sliep de deserteur waarschijnlijk, want de tent zat achter de andere tenten. Hang kroop naar zijn zoon. Zacht fluisterde hij: “Kun jij de Aardstuurder uitschakelen? Hij mag niet bij de Vuurstuurders blijven, maar het zal beter zijn om hem nu in leven te houden. Met een publieke executie kunnen we andere deserties hopelijk voorkomen.” Hang had er tijdens de reis over na gedacht. Als er een deserteur kon ontkomen, zouden er meer opstaan. Die zouden denken dat ze dat ook wel konden, en straks zou er geen leger meer over zijn. Zijn zoon knikte dat hij het begreep. Yi zou achter de deserteur aangaan die al sliep, en Hang en de anderen zouden proberen alle verkenners te doden of gevangen te nemen. Het liefst nam Hang ze allemaal gevangen, maar in een gevecht is het veel gemakkelijker iemand gewoon te doden. Maar als ze het kamp in konden sluipen, konden ze de mensen gewoon gevangenzetten door aarde om hun armen en benen te sturen. Het was een techniek die veel werd gebruikt bij Aardstuurders die mensen ontvoerden. De Dai Li gebruikte ook zo’n soort techniek, door stenen handen op mensen te gooien.  Het was een erg effectieve manier, en Hang hoopte dat het deze keer ook zou werken. Toen ze zagen dat Yi achter de tent zat, omsingelden Hang en de anderen het kamp. Ze waren met twintig man, dus waren de getallen gelijk. En Hang’s groep was waarschijnlijk beter in gevechten, aangezien verkenners alleen maar goed moesten, nou ja, verkennen. Elke man wist wie hij moest uitschakelen. Hang zou de leider proberen te overmeesteren. Op zijn teken slopen ze allemaal op hun doelwit af. Geruisloos gingen ze allemaal naar een andere tent. Het was erg dom geweest van de Vuurstuurders om niet eens een uitkijk neer te zetten. De verkenners zagen niet dat Hang en de andere op ze af liepen, aangezien ze allemaal in he vuur keken. Door het felle licht van het vuur konden ze niets dat erachter lag zien. De verkenners waren wel erg stil, dus was er nog ergens een kans dat ze zouden worden gehoord. Maar Hang en Yi hadden een groep mannen uitgezocht die zich erg stil konden bewegen door de bossen. Hij had al een stukje rost uit de grond gehaald, zodat hij de leider meteen aan de grond kon pinnen. Hij ademde diep in, en floot kort. Meteen zetten alle Aardstuurders de aanval in. Ze maakten goed gebruik van het verrassingseffect. In no-time hadden ze alle Vuurstuurders tegen de grond kunnen werken. Hang juichte van binnen. Er waren geen doden gevallen. Maar toen hij naar de gevangen Vuurstuurders liep, zag hij dat hij het fout had. Hij keek recht in de dode ogen van een Aardstuurder.



Nog voordat hij van de schrik kon bekomen, zag hij dat de lucht werd verlicht door een grote, rode vuurbal. Opeens sprongen er allemaal Vuurstuurders uit de struiken. Ze waren in de val gelokt. Een van de Vuurstuurders liep naar voren. “Geef jullie over! Wij zijn in de meerderheid!” Sprak hij. Hang was niet van plan zich over te geven aan deze Vuurstuurder. “En als wij ons zouden overgeven, zullen jullie ons vast niet net zo behandelen als deze mannen hier.” Antwoordde Hang sarcastisch, terwijl hij naar de dode Aardstuurders bij het vuur wees. “Nee, nee, dat zou idioot zijn, debiel weliswaar. Misschien zal dat gebeuren met de rest van jullie, maar jij en je zoon zijn levend veel handiger te gebruiken. Als losgeld bijvoorbeeld. Jullie, voor de overgave van jullie stadje Taku. Dan zouden er geen doden meer vallen, aan beide kanten niet. De perfecte oplossing. Want zeg nou zelf, jullie onbeduidende leger wordt toch wel verslagen. Of het nu op een vredige diplomatieke manier doen, of een agressieve aanval op jullie, wij winnen toch wel. Ons leger wel eens gezien? Je zoon wel, weet ik. Vertrouw je contactpersonen nooit na een ontmoeting. Vooral niet als die trouwer zijn aan Azulon dan aan Sozin. Maar, het komt er op neer dat wij jullie verslaan, hoe jullie het ook willen doen. Met jullie allemaal trouw aan de Vuurnatie, maar nog erg levend of jullie allemaal dood, met alleen jullie trots. Nee, voor beide partijen is het beter als jullie je gewoon zouden overgeven. Maar daar zijn jullie Aardstuurders veels te eigenwijs voor. Jullie sterven liever, dan dat jullie je overgeven. Misschien een goede eigenschap, maar erg vervelend. Moorden is ook niet alles hè. Een leuke Aardkoningsrijk vrouw, die met mij woont in een Aardkoningsrijk huis, in Omashu bijvoorbeeld, dat dan trouw heeft gezworen aan Sozin. Dat zou veel mooier zijn dan iedereen gewoon over de kling te jagen. Maar we dwalen af. Wat gaan we doen? De dood, of de gladiolen. Die gladiolen zullen dan niet zo mooi zijn voor jullie, maar dan redden jullie wel de levens van alle mannen in jullie stad.” Intussen hadden de Aardstuurders, na het zien van Hangs geheime teken, allemaal een stuk rots omhoog gestuurd, maar nog wel achter ze verborgen. “Ik kies voor de gladiolen, maar dan wel op mijn manier.” En daarmee schoot Hang een groot stuk rots op de leider van het groepje af. 

Zijn mede-Aardstuurders deden hetzelfde. In enkele secondes brak het gevecht open. De Aardstuurders liepen snel allemaal naar achter, vormden een cirkel, en stuurden een grote aarde muur om zich heen. Ze stuurde steeds rotsen over de muur heen, die de Vuurstuurders met gemak raakten. De Vuurstuurders konden deze techniek niet gebruiken, omdat vuur niet omlaag werd getrokken door de zwaartekracht, en dus niet in de cirkel kon vallen. Helaas voor de Aardstuurders waren er Yu Yan boogschutters meegekomen met de verkenners, die de Aardstuurders wel konden raken. Een paar Aardstuurders zouden moeten proberen de pijlen weg te sturen, door ze te raken met kleine keien. Om ze heen hoorden ze allemaal mannen vallen, en kreten van pijn schreeuwen. Ze waren, ondanks dat ze in de minderheid waren, aan de winnende kant. Dat zou wat beloven voor als het hele leger van de Vuurnatie zou komen. Maar het ging Hang niet echt snel genoeg. Hij moest nog dingen regelen in Taku. Dus vroeg hij Yi om met zijn Seismische Zicht te kijken waar de Vuurstuurders leider was. Daarna stuurde hij snel een tunnel onder zich zelf, en liep ondergrond richting de Vuurstuurders. Hij zou proberen hun leider te pakken, en dan te hopen dat ze zich zouden overgeven. Het zou een riskante onderneming worden, en als een man niet trouw genoeg was, zou hij zichzelf meteen teug moeten schieten naar de cirkel. Toen hij wist dat hij ver genoeg was, ging hij omhoog, en hij verstopte zich in de struikjes. Hij keek naar de plek waar de leider moest zijn, en rende erop af. In zijn hand had hij een mes. Toen hij achter de man stond, zette hij zijn mes op de keel van de man. Hij maande iedereen te stoppen met vechten. “Een verkeerde beweging, en jullie leider is niet meer.” Zei hij dreigend. Het had het gewenste effect, en de Vuurstuurders stopten met vechten. De man die hij in gijzeling had genomen was blijkbaar belangrijk voor zijn manschappen. “Leg jullie wapens neer! En Vuurstuurders, handen op jullie rug!” De mannen gehoorzaamden braaf. Hang riep zijn manschappen bij elkaar om de mannen vast te binden. Ze werden gebonden met stenen, zoals het plan eigenlijk eerst al was. Het zou te lang gaan duren om ze allemaal te laten lopen, dus besloot hij ze aan rotsen te binden, en die rotsen verplaatsen met Aardsturing. Onderweg naar Taku namen ze ook weer Tuo en de andere struisvogel paarden mee. Bij de poorten aangekomen werden de gevangenen weg genomen naar de gevangenissen. Die werden ondertussen al redelijk vol. De ochtend zou al bijna aanbreken. Het zou voor velen hun laatste dag zijn. Hij zou zich niet overgeven. Dat wou hij zijn mannen niet aan doen. Hij stierf nog liever, dan de schaamte van het overgeven te moeten meemaken. 

De Taku Kronieken
Hoofdstukken
Slecht nieuws, een aanslag en een val - Herzien - Kazuya

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.

Around Wikia's network

Random Wiki