Wikia


JJ, glimlach Door Mvs109 Genre Rating Updates
Meer van Mvs109 Oorlog, avontuur, drama 12+ Dagelijks

Dit hoofdstuk en de hoofdstukken hierna worden herschreven.

Jeong Jeongs leerling is het verhaal van de vuurmeester Jeong Jeong, de grootste deserteur van de Vuurnatie, en zijn leerling tegen wil en dank Azelia, een boerendochter met een onvoorwaardelijke liefde voor vuur. Wanneer Jeong Jeong haar echter niets meer kan leren trekt ze alleen de wereld in.

Terwijl Azelia haar blik op de toekomst richt en haar droom ziet uitkomen, wordt de oude deserteur achtervolgd door het verleden. Hun paden branden, roken, sidderen en vlammen, maar zullen ze elkaar nog eens kruisen?

<- De Scheiding (8) | De Eed (10) ->

Jeong Jeongs leerling: Onverwacht (9)
Omashu
Algemeen
Maker: Mvs109
Genre: Oorlog, avontuur, drama
Leeftijdsklasse: Vanaf 12 jaar
Land/Taal: Nederlands
Hoofdstukken: 41 hoofdstukken + Alegría!
Start/Eind Data: 1 april 2012 - 12 september 2013
Chronologie
Vooraf gegaan door: Jeong Jeongs leerling: Dennennaalden (8)
Verwant aan: JJl; Alegría! en andere fanons van Mvs109
Opgevolgd door: Jeong Jeongs leerling: Dichtbij (10)

Wat vooraf ging:Edit

Fung, een man van de Witte Lotus, levert een boodschap bij Jeong Jeong af of hij zo snel mogelijk met zijn gezellen naar Omashu wil gaan voor de volgende raadsvergadering. De Deserteur accepteert en zijn mannen volgen, maar niet veel eerder heeft de groep de dood van Azelia vernomen en het nieuws is niet goed gevallen.

Chey is overstuur, de Lin Yee's bijzonder geprikkeld. Het resulteert in een ruzie waarbij Jeong Jeong iets ongelofelijks stom doet: hij gebruikt vuursturing tegen zijn eigen mannen. Dit is de druppel voor de gezellen. Jeong Jeong houdt de eer echter voor zichzelf en vertrekt op eigen initiatief. Chey gaat de andere kant op.

Aflevering 33: ZhuangEdit

Hoe verder Jeong Jeong van het kamp vandaan liep, hoe sneller hij ging lopen tot hij bijna rennend door het bos ging. Hij wist niet waarom hij vluchtte. Uit angst voor de Lin Yee's? De verloren controle? De gewoonte om zo snel mogelijk van de laatst bekende positie weg te komen?

Hij ging maar van dat laatste uit. De Deserteur moest zo snel mogelijk naar Omashu toe voor hij nog meer ellende zou aantrekken. Het warme loof maakte plaats voor grillig den. Jeong Jeong was al uren aan het hollen. Een beek om te drinken zou meer dan welkom zijn. De waterfles was al uren leeg.

Jeong Jeong klom een heuvel op. Het enige wat nog mee zat, was dat hij zijn vuur kon gebruiken om te kunnen zien, maar hij was al aardig door zijn energie heen, dus het vuur gaf minimum zicht.

Waarom moest dit gebeuren? Hij had nooit problemen gehad met zijn manschappen. Niet in het leger, niet bij zijn gezellen. Moord was hem niet vreemd, zijn beroep in acht genomen, maar hij had gedeserteerd omdat grenzen overschreden waren. Praktijken waarmee Azelia te maken had gekregen, hadden die grens nogmaals bevestigd.

Azelia. Azelia. Zijn mannen hadden jaren trouw in de ring geworpen voor een meisje dat ze nauwelijks kende. Waarom? Wat zagen zijn mannen in haar dat hij zelf niet zag? Zag Chey een potentiele dochter? Zagen de Lin Yee's een nieuwe meester?

Of had de dood van een kind hun veel erger geschokt dat Jeong Jeong aanvankelijk had gedacht?

De Deserteur wist het niet. Hij wist het echt niet. Zijn mannen reageerden irrationeel. Ja, hij had van Azelia af gewild, maar dood was iets heel anders. En dit was toch geen plaats om op te groeien? Hij gunde zijn kinderen tenminste beter!

Maar wat moest Jeong Jeong nu doen? Naar Omashu en dan? Misschien kon hij met een van de andere ordeleden mee. Het liefste met Piandao natuurlijk, maar bij Pakku was hij veiliger. Daarnaast zou hij nog de hele situatie moeten uitleggen over zijn missende gezellen. Dat werd een gezellige middag.

Ze zagen hem nu al als een oorlogsmisdadiger, terecht, maar de vergaderingen werden er niet beter op.

Het schoot niet op. Geen geld, nauwelijks eten, water was op en hij was moe. De Deserteur zocht een plek uit om even uit te rusten. Hij wreef door zijn gezicht heen, vechtend tegen de slaap. Wat een ellende. Als hij te lang bleef zitten, zou hij zeker slapen. Een verleidelijk vooruitzicht.

'Op de vlucht?' Jeong Jeong schrok op. Voor hem stond een Lin Yee. Zijn verschijning viel weg tegen de schaduwen van de bomen. De man had een geest kunnen zijn.

'Nog altijd op weg naar Omashu,' bromde Jeong Jeong. Hij wreef zijn haren uit zijn gezicht alvorens hij weer op stond.

'We weten u toch wel te vinden, waar u ook bent,' zei de Lin Yee.

'Ik ben die dreigementen en beschuldigingen een beetje zat,' zei Jeong Jeong.

'Dat heeft u dan toch echt aan uzelf te danken.'

De woedende vuurstuurder wierp de groene man omver in een fractie van een seconde. Het volgende moment zag de Lin Yee een brandende vuist om hem afkomen. Er was geen tijd meer om te ontwijken. Een schreeuw voor hulp klonk door het bos. Daarna een doffe bons.

'Ben je bang?' siste Jeong Jeong. De Lin Yee lag rillend onder hem. Nog geen centimeter van hem af waren alle dennennaalden compleet verast.

'Ben je bang?!' riep de Deserteur.

'Mijn broeders zijn in de buurt,' zei de Lin Yee. Hij probeerde zich te bevrijden van zijn meesters ijzeren greep.

'Onzin. Je bent verkenner. Je broeders zijn in geen mijlen te bekennen.' Jeong Jeong ging van de man af. 'Drieëndertig jaar hebben we elkaar beschermd. Er zijn eerder doden gevallen. Was Azelia de druppel?'

De Lin Yee schudde zijn hoofd.

'Er wordt op u gejaagd,' fluisterde de man.

'Tot zover ik weet is de jacht op mij nooit gestaakt,' merkte Jeong Jeong droogjes op.

'Een nieuwe partij. Eentje waarvoor we u niet kunnen beschermen...ik breek mijn eden door u te waarschuwen,' zei de Lin Yee. Hij leunde zwaar tegen een dennenboom aan. Kevermieren kropen over zijn bovenlichaam heen, maar hij scheen het niet op te merken.

Toen zakte hij door zijn benen heen. Compleet verkrampt hield hij de boom vast alsof dat het laatste was dat hem voor de afgrond kon behoeden. Jeong Jeong hurkte bezorgd bij de groene man neer. De pupillen van de gezel waren compleet opengesperd en hij leek moeite te hebben met ademen.

'Wat is er met je aan de hand? En wie zit er achter me aan?' vroeg Jeong Jeong. Hij probeerde de Lin Yee wat te kalmeren, maar het had geen effect. Hij zou hier niet alleen moeten zijn. De andere Lin Yee's zouden beter weten wat ze moesten doen. De groene man leek zijn verstand te verliezen.

'P...P...' bracht de Lin Yee met horten uit. 'Phay...Vuur...La...'

Jeong Jeong hield de man vast om te voorkomen dat hij zichzelf pijn deed. Dit kon een epileptische aanval zijn, maar de Deserteur had nog nooit een Lin Yee meegemaakt die ook maar enige vorm van aandoening had. De gezel werd uit het niets uit Jeong Jeongs greep naar achteren getrokken. Een hels gesis deed de Deserteur achteruit deinzen.

Een zwarte schim had zich over de groene man heen gebogen en staarde met flikkerende oogjes naar Jeong Jeong.

'Ah, Jeong Jeong de Deserteur. Ik heb al veel over je gehoord, maar nu mag ik je een persoonlijk ontmoeten,' zei de schim die langzaam de gedaante van een gierhagedis aannam, alleen wel een paar formaatjes groter.

'Wie ben jij?' vroeg Jeong Jeong. Het vuur ontbrandde in zijn handen.

'Ik ben Zhuang, de Geestenbewaarder en ik ben hier met de opdracht. Wat denk je, Lin Yee? Een dag lijden voor ieder geheim dat je verklapt hebt? Of tenminste trachtte te verklappen. Het wordt een langzame dood. Dat verzeker ik je,' zei de gierhagedis.

De groene man bewoog zich krampachtig in de hoop dat hij nog zou kunnen ontsnappen. Afgeleid door zijn prooi zette Jeong Jeong de aanval in. Zhuang week echter geen millimeter voor het vuur. Imuum. Ook dat nog.

'Blijf hier buiten, Deserteur,' gromde het beest.

'Laat hem met rust,' zei Jeong Jeong. De Lin Yee hapte naar lucht. Zhuang schudde lachend zijn hoofd

Het was een elledig aanzicht om de Lin Yee te zien kronkelen op het randje van de dood. De anders zo stille man schreeuwde van de pijn wanneer hij de lucht kon vinden. Andere momenten snakte hij naar lucht en kromp hij ineen van ellende.

Jeong Jeong ademde diep in en uit. Toen schoot hij in een bliksemsnelle beweging een aanval op de geest af. Zhuang sprong achteruit.

'Waar sloeg dat op, Deserteur?'

Toen zag de geest het slappe lichaam van de Lin Yee en de dolk in diens borstkas.

'Spelbreker,' siste Zhuang. Jeong Jeong bereidde zich voor op een aanval, maar de gierhagedis loste op in het niets. De Deserteur zonk neer bij de Lin Yee, zoekend naar een teken van leven, maar hij had zijn werk te goed gedaan. De fletsgroene ogen van de gezel, correctie: ex-gezel, staarde naar het bladerdek toe.

Jeong Jeong trok zijn dolk uit het lichaam. Er kwam geen bloed. Hij tilde de groene man op en liep een eindje terug naar de plek waar een vogelbekbeer ooit een nest had gemaakt, maar wat nu totaal verlaten was. Het was de beste plaats die Jeong Jeong zo snel kon bedenken om het levensloze lichaam voorgoed te rusten te leggen.

Het was slechts een kwestie van de wanden van het nesten omver duwen en wat zachte aarde verplaatsen om het lichaam van de Lin Yee te bedekken. Binnen mum van tijd was het gedaan. Niet wetend wat hij nu moest doen, bleef Jeong Jeong bij het graf zitten.

Het was surrealistisch om een Lin Yee te begraven. Ze kwamen en ze verdwenen als bij toverslag. In al die jaren die hij met hen had doorgebracht, had hij er nog nooit een dood aangetroffen. Stervende ja, maar dood?

De Deserteur had in ieder geval bedacht dat de Lin Yee's, mannen van de aarde, het waarschijnlijk niet zouden waarderen als hun broeder gecremeerd was. Zonder het te beseffen prevelde hij een kort gebedje.

Als men hem er naar zou vragen, zou hij er zich geen woord van herinneren, maar nu, in de macht der gewoonte, dreef alles weer boven.

Aflevering 34: Opnieuw verrastEdit

Jeong Jeong bleef nog lang bij het graf zitten terwijl hij zijn omgeving goed in de gaten hield. Zhuang was verdwenen, maar ook de Lin Yee's waren in de wijde omtrek niet te bekennen. Normaal gesproken stonden ze direct paraat als een van hun broeders in nood was.

Normaal gesproken hadden ze hun meester ook niet met speren bedreigt door een aanval van irritatie. Het was lang geleden, ondenkbaar lang geleden dat hij zo alleen was geweest en het stond Jeong Jeong niet aan.

Met zijn gedachten elders begon Jeong Jeong de met dennennaalden bezaaiden heuvels te beklimmen. Een uitputtend pad dat hem uiteindelijk naar Omashu moest leiden. Hij zou zich moeten voorbereiden om wat de Orde van de Witte Lotus wilde bespreken. Sozins komeet. Een naderende vuurzee. Een maskarade zonder grenzen.

Maar zijn gedachten zaten niet daar. Ze zaten bij Chey en de Lin Yee's. Waren zouden ze heen zijn gegaan? Zouden ze samen verder reizen of had die ruzie definitief een kloof tussen hen in gedreven? Dat laatste was waarschijnlijker. Toch hoopte Jeong Jeong dat zijn gezellen, correctie: ex-gezellen, zich niet zo eenzaam zouden voelen als hij nu.

Zijn benen droegen hem gedachteloos over heuvels en vlaktes tot de zon bijna op zijn hoogste punt aan de hemel stond. Omashu kon niet veel verder meer zijn.

Het was een aardig steile klim naar boven toe en in de verste verte was er geen begaanbaar pad te vinden. Een storm had duidelijk schade aangericht aan de bomen, want overal lagen grote takken verspreid op de grond.

Terwijl hij een stijle heuvel beklom, vond Jeong Jeong een tak die zijn weg versperde. Geen zin om er omheen te lopen, stapte Jeong Jeong er maar overheen. De Deserteur stapte echter mis en ging onderuit.

Jeong Jeong viel naar voren toe. Hij voelde hoe hij weer een eind naar beneden dreigde te glijden. Zijn handen grepen naar wat boomwortels, zijn voeten naar de tak om houvast te vinden. Zijn rechtervoet vond steun bij de tak.

Jeong Jeong bleef zuchtend even liggen. Hij schudde met zijn hoofd om de dennennaalden uit zijn haar te krijgen. Tot zover zijn geluk.

Toen pas viel het hem op dat het geen tak was, waar zijn voet tegen leunde. Daar was het veel te zacht voor. De Deserteur draaide zich om en liet zich een eindje naar beneden glijden, zodat hij op gelijke hoogte met de vreemde tak zat.

De Deserteur vergat te ademen toen hij begon te zien waar hij over was gestruikeld. Wat hij eerder voor mos had aangezien, was geen mos, maar donkergroene kleding. Zwarte haren lagen bij zijn hand, helemaal vol met klitten en vuil.

Jeong Jeong kroop nog wat lager. Hij legde zijn hand op het mens en schudde zachtjes. Een straal vuur kwam op hem af. De Deserteur sprong op. De vlammen raakten zijn onderbenen. Direct liet hij zich op zijn knieën vallen waardoor de vlammen doofden. Wat had zijn pad nu weer gekruist?

Een tweede aanval kwam op hem af. Jeong Jeong blokkeerde het.

'Ga weg!' klonk achter zijn muur van vuur. Jeong Jeong liet de muur zakken en keek recht in twee flitsende gouden ogen.

'Azelia?' Het meisje stond half overeind. Ze trilde op haar benen en het vuur in haar handen likten aan haar vingers. Haar blik was wild en niet gefocust.

'Azelia, ik ben het: Jeong Jeong,' zei de Deserteur. Zou hij dit kind ook een keer in stabiele toestand kunnen aantreffen?

Hij deed een stap in haar richting. De blik van het meisje verzachtte een moment. Toen vulden haar ogen zich met angst. Ze deinsde terug, prevelde "nee".

'Azelia, rustig meisje. Ik doe je niets,' zei Jeong Jeong. In Kohs naam, wat was er met dat kind gebeurd? Ze zag en vreselijk uit. En hoe kwam ze hier? Jeong Jeong deed nog een stap in haar richting.

'Nee...Nee!' riep Azelia.

Een muur van vuur kwam op Jeong Jeong af. Hij dook weg. Het vuur vloog langs hem heen. Er klonk een doffe bonk, gevolgd door een kwade brul. Jeong Jeong keek opzij en zag een reusachtige vogelbekbeer.

Het beest had de volle laag gekregen en schreeuwde het nu uit van de pijn. Jeong Jeong keek met stomme verbazing naar Azelia. Het meisje was op één knie gezakt, maar als blikken konden doden, dan was er nu niets meer van het dier over geweest.

Jeong Jeong kon een glimlach niet onderdrukken. Dat kind viel niet klein te krijgen.

'Ga weg daar!' riep Azelia naar Jeong Jeong. De Deserteur zag de vogelbekbeer op zich afkomen. Een tweede stoot raakte het dier vol in de flank. De vogelbekbeer draaide zich woedend om en stormde op Azelia af.

'Azelia, duiken!' riep Jeong Jeong, klaar om het beest van achteren te raken. Hij zag haar knikken en liet toen zijn vuur los. De vlammen spoelden over het beest heen, vraten de vacht weg en beten zich in de huid.

Jeong Jeong rende naar boven toe, dook tussen de maaiende armen van het brandende dier door, greep Azelia beet en trok haar mee verder de heuvel op.

De vogelbekbeer trachtte achter hun elkaar te komen, woedend op degene die hem deze pijn hadden bezorgd, maar Jeong Jeong vuurde nog een genadeslag toe. Het beest viel dood neer in een zee van vlammen.

Naast Jeong Jeong zakte Azelia ineen en bleef daar liggen. De Deserteur hurkte angstig bij haar neer, hopend dat hij niet een tweede dode hoefde te begraven vandaag. Gelukkig ademde ze nog. Waarschijnlijk was ze gewoon totaal uitgeput. Jeong Jeong inspecteerde de plaatsen waar haar vuur haar had geraakt.

Het was niet al te ernstig. Beetje geschroeid, maar wat was ze mager geworden! Het voelde of hij haar met de minste kracht door midden kon breken.

'Jeong Jeong? Wat is er aan de hand?' klonk een stem bovenop de heuvel. De Deserteur keek omhoog.

'Piandao!'

Aflevering 35: VerdeeldheidEdit

Het was heel erg lang geleden dat Jeong Jeong Iroh zo giftig had zien kijken. Het sierde de prins van de Vuurnatie niet om met zo'n dodelijk blik op een ander neer te kijken. Het was niet eens terecht naar Jeong Jeongs mening. De "dood" van Azelia was niet eens zijn schuld geweest. Deze keer in ieder geval niet.

De andere aanwezige leden, Pakku, Piandao en Bumi, begrepen er verder weinig van. Irohs vraag over waar Jeong Jeongs gezellen waren gebleven maakte de situatie er niet gemakkelijker op. Jeong Jeong voelde er weinig voor om die vraag naar de waarheid te beantwoorden en vertelde alleen maar dat ze weg waren.

Zijn prioriteiten lagen op het moment ook elders dan de geplande vergadering. Eerst Azelia. Daar had de rest ook begrip voor. Er werd een dokter bijgeroepen die het meisje onder haar hoede nam. Toen Azelia's toestand stabiel bleek te zijn, wilde Iroh toch echt graag met de vergadering beginnen.

Bumi kon de veiligheid van de leden niet heel lang garanderen binnen de muren van Omashu. Daarbij waren de andere leden of gezocht door de Vuurnatie of konden thuis eigenlijk niet gemist worden. De vergaderruimte was een geheime kamer diep verstopt in het paleis. Het rook er naar klei en lampenolie. Als er wat ramen in het vertrek hadden gezeten, was Jeong Jeongs gemoed misschien wat opgeklaard, maar hij hield er niet van om onder de grond te zitten en dat kwam zijn, algemeen toch niet al te beste humeur, niet ten goede.

De vergadering begon zoals gewoonlijk. Eerst de gebruikelijke beleefdheden waarbij iedereen elkaar vroeg hoe het ging, maar een echt antwoord niet gewenst werd. Vervolgens werd Piandao wederom als notulist aangewezen, omdat hij het mooiste handschrift had. De zwaardmeester had onderhand genoeg van dat klusje.

'Ba Sing Se,' begon Iroh.'De stad zal vallen onder de vlammen van Sozins komeet.'

De sfeer zat er in. Jeong Jeong zuchtte onopmerkbaar. Dit werd een lange vergadering.

'Deze orde heeft zich nooit met oorlogen bemoeid, maar ik ben van mening dat wij de kracht van de komeet moeten gebruiken om de hoofdstad te beschermen.'

Of toch niet? Het was niet vaak dat Iroh direct ter zake kwam en de keren dat Jeong Jeong zich kon herinneren dat de prins dat deed was, zoals nu, als het over oorlog ging.

'Als Ba Sing Se over tien jaar nog stand heeft gehouden,' merkte Pakku op.

'Niet onder Kuei. Wel onder de Dai Li,' zei Bumi zeker. 'Waarom zouden wij de strijd moeten opzoeken? Wij zijn een vreedzame orde die zich richt op kennis en cultuur.'

'Omdat de Vuurnatie meer vernielt dan ze ooit kan repareren. denk aan de steden van Yuo Da, Zhengli en Hakara. Allemaal tot op de grond toe afgebrand. Eeuwen aan kennis en cultuur in vlammen opgegaan!'

'Bedankt voor de herinnering, Iroh. Van alle steden die de Vuurnatie heeft vernietigd, kies jij net die drie. Wat is het volgende agendapunt? Mij uit deze club zetten?'

'Jij was niet de enige die schuldig was aan de val van deze steden. Ik was er ook bij,' suste Piandao voor Iroh kon antwoorden.

'Als kapitein, niet als generaal.'

'Geen slapende draken porren,' zei Bumi met een vage glimlach tegen Iroh.

'Jeong Jeong,' ging Iroh op rustige toon verder. 'Als Ba Sing Se in de handen van de Vuurnatie valt, zal er een maskerade op volgen. We hebben gezien wat er in Yizaki is gebeurd. Is het niet onze plicht als mens zijde dit te voorkomen?'

'Ik heb er anders ook mijn twijfels over,' zei Pakku. 'Wanneer de komeet komt wil ik er zeker van zijn dat mijn stam veilig is. Daarbij moet ik, niet geheel onbelangrijk, nog steeds in leven zijn en dat geldt voor ons allemaal. We zijn een stelletje oude mannen wiens bestaan voortdurend bedreigt wordt door de Vuurnatie.'

'Praat eens niet zo snel, Pakku. Ik kan je niet bijhouden,' mompelde Piandao terwijl hij nors keek naar de nieuwe inktvlek op zijn arm. De tafel viel een moment stil zodat de zwaardmeester de notules kon bijwerken. Ondertussen dacht de rest na. Waar zouden ze over tien jaar zijn?

'De Orde is oud en haar leden ook. We hebben nieuw bloed nodig,' zei Bumi.

'Maar waar halen we die vandaan? De huidige generatie is vreselijke fascistisch,' zei Piandao.

'Team Avatar lijkt me een goede kandidaat,' opperde Iroh.

'Ik denk dat het lot van de Avatar en ons programma op de dag van Sozins komeet niet echt samengaan,' merkte Pakku op.

'Hoe bedoel je?'

'Team Avatar moet zijn eigen pad kiezen en daarbij kruisen ze het onze wel of niet. We zien dat tegen die tijd wel,' viel Bumi Pakku bij.

'Is Chey geen optie?' opperde Piandao.

'Nee,' zei Jeong Jeong. 'Lang verhaal.'

In de twee uren die volgden, konden de leden het niet met elkaar eens worden. Ja, ieder van hen was er van overtuigd dat er nieuwe leden moesten komen, maar goede kandidaten waren zeer zeldzaam. Iroh besloot maar een pauze in te lassen. Jeong Jeong besloot bij Azelia te gaan kijken.

Aflevering 36: DakterrasEdit

Jeong Jeong was verbaasd toen hij Azelia vond op een van de vele dakterassen die het paleis van Omashu rijk was. Ze zat in de zon te mediteren terwijl de dokter, een heler die Pakku had meegenomen, in de schaduw zat te zweten van de warmte.

Het was ook warm hier boven. Er stond nauwelijks wind en in de verre omtrek was geen wolkje te bekennen.

Een keer kuchen trok wel de aandacht van de dokter, maar niet van Azelia. Als ze nog veel dieper zou mediteren, zou ze gaan zweven, meende Jeong Jeong. Zijn fantasie nam een loopje met hem, maar hij duwde iedere gedachte aan de kant. Hij was de tijd van dagdromen allang voorbij.

'Hoe is het met haar?' vroeg Jeong Jeong aan de dokter. Ze leek alles behalve gelukkig te zijn om deze waterloze warme plaats. Haar donkere haren met sporen grijs had ze opgestoken in een knot en de kleren die ze droeg waren een vreemde combinatie van verplicht Aarderijk en eigenwijs Waterstam.

'Ze maakt het goed. Ze is een kind met een sterk gestel.'

'Zou ze niet moeten rusten?'

'In die ondegrondse kamers? Nee, wat zonlicht doet haar veel beter. Ze is immers een vuurstuurder, zei u en ze heeft de hele ochtend om het uur wat gegeten. Met mijn heling en Bumi's kok is ze er zo weer bovenop.'

Jeong Jeong knikte.Toen ging hij naast Azelia zitten. Ze leek in complete met zichzelf en haar omgeving te zijn. Jeong Jeong concentreerde zich een moment op haar warmte. Haar energie roteerde rustig door haar lichaam. Toen scheen ze hem pas te merken. 

'Wat doet u hier? Had u geen vergadering?' was het eerste dat Azelia vroeg.

Ah, dus ze was op de hoogte gebracht? Jeong Jeong verdachtte de dokter er van haar het een en ander verteld te hebben.

'We hebben even pauze,' zei Jeong Jeong. Onder hen lag de compacte stad Omashu rustig in het middaglicht.

'Nog bedankt voor het redden van mijn leven,' zei Azelia. 'Alweer.' Ze strekte zich een keer uit voor ze terugviel in kleermakerszit.

'Idem,' bromde Jeong Jeong. 'Je was aan het mediteren?'

'Ja, maar ik mis mijn kaarsen.'

'Waar richtte je je dan op?' vroeg de Deserteur.

'De zon,' zei Azelia luchtig. 'Er is verder geen vuur in de buurt en ik voel er weinig voor om weer een stad in de hens te zetten.'

'Weer een stad in de hens zetten? Wat heb jij uitgespookt?' zei Jeong Jeong met ogen zo groot als schoteltjes. Wat voor een monster zat er nu weer naast hem?

Azelia zuchtte en vertelde met haar blik blijvend gericht op de horizon wat er de afgelopen tijd gebeurd was. Ze vertelde alles alsof het een middagje winkelen in het dorp was geweest.

Gewoon gevlucht, gewoon drinkwater gezocht, gewoon een slaapplek gevonden. Misschien had die tijd met Jeong Jeong en zijn gezellen dit wel gewoon voor haar gemaakt, maar dan nog. "Gewoon" overleven op een leeftijd als dit...Jeong Jeong wist even niet wat hij moest zeggen. 

'De geesten moeten je zeer goed gezind zijn,' zei de Deserteur uiteindelijk maar.

'Ik voel me anders niet bijzonder geliefd,' antwoordde Azelia droogjes. Jeong Jeong moest een lach onderdruken. Hij kende dat gevoel.

De rust en stilte hier was heerlijk. Samen met het heerlijke zonnetje vergat Jeong Jeong voor een moment zijn zorgen. Azelia bracht hem terug op aarde.

'Waar zijn Chey en de Lin Yee's?' De Deserteur zuchtte diep.

'Weg. Waarschijnlijk voorgoed,' zei Jeong Jeong. Hij zag Azelia's geschokte gezicht en voegde snel toe: 'Ze leven nog.'

'Wat is er gebeurd?'

'Ze...ze dachten dat je dood was en dat namen ze mij kwalijk. Daarom wilden ze niet meer naar me luisteren en gingen ze hun eigen weg.'

Het verbaasde Jeong Jeong eigenlijk dat hij de waarheid vertelde. Of tenminste, iets dat daar heel dichtbij kwam. Normaal gesproken zou hij beginnen met een leugen. Azelia leek het niet te vatten.

'Maar ik ben niet dood. Waarom dachten jullie dat ik dood was?'

'De Lin Yee's hadden gehoord dat Koa was opgepakt en dat jij premiejagers achter je aan had. Doorgaans overleven kinderen een derlijke samenloop van omstandigheden niet.' Het kwam er killer uit dan de bedoeling was.

'Maar ik ben niet dood,' zei Azelia nogmaals, nu fluisterend. 'Waarom gaven ze u de schuld?'

'Ik ben verantwoordelijk voor het welzijn van mijn mensen,' zei Jeong Jeong en dat was een les die hij al heel lang in zijn geheugen geprent had. 'En zij achtten mij ook verantwoordelijk voor jouw welzijn. In hun oogpunt heb ik gefaald jou te beschermen en daar ben ik op afgerekend.'

'Bent u...bent u boos op me?' vroeg Azelia. Jeong Jeong schudde zijn hoofd.

'Het was jouw schuld niet,' zei hij alleen maar.

'We kunnen ze gaan zoeken, Chey en de Lin Yee's. Dan kunt u bewijzen dat u me wel beschermd heeft. Alles zal dan weer goed zijn!'

Nogmaals schudde Jeong Jeong zijn hoofd. Als hij zijn gezellen al kon vinden, en hij had een vermoeden waar Chey was heengegaan, dan leek het hem sterk dat ze stonden te springen om hem weer te volgen.

'Jeong Jeong! Waar blijf je? Iroh wilde twintig minuten geleden al beginnen,' riep Piandao vanaf de trap. Jeong Jeong stond op en trok zijn kleren recht.

'Ik kom er zo aan. Nog een ogenblik,' riep Jeong Jeong terug naar de zwaardmeester. Piandao verdween weer in het trappengat.

'Azelia, sta op en doe deze houding na. Dan krijg je hopelijk nog wat controle over je vuursturing,' gebood Jeong Jeong haar. Azelia ging haastig staan en nam de houding van de Deserteur over. Benen uit elkaar, knieen gebogen, bovenarmen strak langs het lichaam, onderarmen naar voren en de vuisten los gebald.

'Concentreer je op de zon, adem in door je neus en uit door je mond,' zei Jeong Jeong. Hij kreeg een donkere blik van de dokter toegeworpen. 'Maar als je moe wordt mag je er bij gaan zitten. Ik controleer je vorderingen na de vergadering.'


Azelia keek hem glimlachend aan voor ze zich opnieuw concentreerde op de zon. Jeong Jeong besloot zich maar te haasten voor Iroh zelf naar boven zou komen.

Wordt vervolgdEdit

Iroh jong
In de stad Yizaki wordt Chey opnieuw geconfronteerd met de Lin Yee's, maar ditmaal zijn de ex-gezellen van Jeong Jeong zodanig schaak gezet dat ze wel samen moeten werken.

In opdracht van Yizaki's leider en zijn vrouw Hue Lei moeten ze naar Jeong Jeong op zoek gaan om de Deserteur te verenigen met zijn zoon Kiro.

Dat en nog meer in: De Eed (10) ->

Ad blocker interference detected!


Wikia is a free-to-use site that makes money from advertising. We have a modified experience for viewers using ad blockers

Wikia is not accessible if you’ve made further modifications. Remove the custom ad blocker rule(s) and the page will load as expected.